Gevarendriehoek
Ook: pechdriehoek
De gevarendriehoek is verplicht in elke auto. Bij pech zet je hem op minstens 30 meter, op de autosnelweg op 100 meter, zichtbaar van 50 meter ver.
Je plaatst de driehoek als je voertuig met pech staat en je het niet kunt verplaatsen, of alleen kwijt kunt op een plaats waar stilstaan en parkeren verboden is. Hetzelfde geldt bij gevallen lading die je niet meteen kunt opruimen, en als je verlichting defect is.
Hij staat ongeveer verticaal, op:
- minstens 30 meter op gewone wegen en autowegen;
- minstens 100 meter op de autosnelweg;
- en altijd zo dat naderende bestuurders hem zien van op ongeveer 50 meter.
Binnen de bebouwde kom mag hij dichterbij staan, en desnoods op het voertuig zelf. Daarnaast mag je je waarschuwingsknipperlichten gebruiken.
Op het examen
De gevarendriehoek is een van de vier verplichte voorwerpen in elke auto, samen met de verbanddoos, het brandblustoestel en het fluohesje. Een vraag stelt dat vaak als “welke hoort er niet bij?”. Een krik, trekkabel of reservewiel is handig, maar niet verplicht.
Leg hem binnen handbereik: onderaan een volle koffer krijg je hem er niet uit op het moment dat je hem nodig hebt.
Lees de volledige lessen
Hier staat wat het is. In de theorie staat wat je moet doen.
Oefenen komt eraan
We werken aan een oefenapp.