Oversteekplaats voor fietsers
Ook: fietsoversteek
Een oversteekplaats voor fietsers is een oversteek voor fietsers en bromfietsers. Wie er al op rijdt, heeft voorrang. Wie ze nog nadert, heeft dat niet.
Het blauwe bord F50 staat bij de oversteekplaats zelf. Het gevaarsbord A25 kondigt ze ongeveer 150 meter op voorhand aan. Datzelfde A25 kan ook betekenen dat fietsers het fietspad verlaten omdat het ophoudt.
De voorrang hangt aan één stap. Fietsers en bromfietsers die nog niet op de oversteekplaats zijn, hebben geen voorrang. Eenmaal erop hebben ze die wel. Dat betekent niet dat je mag doorrijden zolang de fietser nog niet op de strepen staat: je nadert met matige snelheid en stopt zo nodig.
Verder gelden dezelfde regels als bij een zebrapad:
- niet stilstaan en niet parkeren op de oversteekplaats;
- niet stilstaan en niet parkeren op de rijbaan binnen 5 meter vóór de oversteekplaats;
- geen bestuurder inhalen die ervoor vertraagt of stopt, behalve waar lichten of een agent het verkeer regelen;
- in een file niet oprijden als je erop zou blijven staan.
Op het examen
Het verschil met het zebrapad is de vraag. Een voetganger heeft voorrang zodra hij op het punt staat over te steken, een fietser pas op de oversteekplaats. De reden is snelheid: een fietser die honderd meter verderop nadert, is er in zes seconden.
De borden erbij
Lees de volledige lessen
Hier staat wat het is. In de theorie staat wat je moet doen.
Oefenen komt eraan
We werken aan een oefenapp.