Dode hoek
De dode hoek is de zone naast of achter je voertuig die je in je spiegels niet ziet. Elke auto heeft er een, en bij een vrachtwagen is hij veel groter.
Bij een personenauto zit de dode hoek schuin achter je, links en rechts, net buiten het beeld van je buitenspiegel, en recht achter je auto over enkele meters. Bij een vrachtwagen is hij veel groter: rechts naast de cabine past een hele fietser.
Wat helpt:
- over je schouder kijken voor je van strook wisselt, afslaat of wegrijdt, want spiegels dekken de dode hoek niet;
- je buitenspiegels verder naar buiten richten: je eigen flank hoef je niet te zien;
- dodehoekdetectie, als je auto die heeft. Brandt het lampje in de spiegel, dan haal je niet in.
Vertrouw niet blind op dat systeem. Het ziet geen fietser die net buiten zijn bereik rijdt, en het reageert traag op iets wat snel nadert.
Op het examen
De klassieke situatie is rechts afslaan met een fietser die rechtdoor rijdt op het fietspad naast je. Hij heeft voorrang. De volgorde is: pinken, spiegel, over je schouder, en dan pas sturen.
De wegcode vraagt ook dat je spiegels zo staan dat je het verkeer achter en links kunt volgen, en vooral een voertuig ziet dat begonnen is je links in te halen.
Lees de volledige lessen
Hier staat wat het is. In de theorie staat wat je moet doen.
Oefenen komt eraan
We werken aan een oefenapp.